Toeslagen

26 mei, 2018 – Gerja Bas

Toeslagen

Veel mensen hebben recht op een of meerdere toeslagen. Voor een deel van deze mensen is de toeslag zelfs een substantieel deel van hun maandelijkse inkomen. Toch is men niet altijd even goed op de hoogte van wat er allemaal mogelijk is met de toeslagen. Reden om in deze blog een tweetal vrij onbekende regelingen te bespreken. Deze regelingen hebben met elkaar gemeen dat degene die er recht op heeft zelf daar een beroep op moet doen, de Belastingdienst past de regelingen niet automatisch toe. Kortom, door goed op de hoogte te zijn van alle mogelijkheden met betrekking tot de toeslagen kan voordeel behaald worden.

10%-regeling

Sinds 1 januari 2018 kan men weer gebruik maken van de 10%-regeling voor de toeslagen. In 2012 is deze regeling geschrapt, maar na uitspraken van de Raad van State is deze weer nieuw leven ingeblazen. De 10%-regeling is niet erg bekend, maar kan in bepaalde gevallen voordeel opleveren.

De hoogte van de toeslagen wordt bepaald op basis van het toetsingsinkomen. Het toetsingsinkomen is het fiscale jaarinkomen van de aanvrager. Als er sprake is van toeslagpartnerschap (of medebewonerschap in het geval van de huurtoeslag) wordt de toeslag op basis van de gezamenlijke toetsingsinkomens berekend en aan één van de partijen toegekend. Indien een partner of medebewoner in de loop van het jaar vertrekt, bijvoorbeeld bij het verbreken van de relatie, wordt de toeslag over de maanden waarin er nog wél sprake was van toeslagpartnerschap vastgesteld op basis van de jaarinkomens van beide personen. Inkomensstijgingen van de voormalige partner of medebewoner werken, door het gebruik van jaarinkomens, door in de hoogte van de toeslag. Dit kan tot gevolg hebben dat de toeslag lager uitvalt.

Op basis van de 10%-regeling kan de inkomensstijging van de vertrekkende partner buiten beschouwing gelaten worden. Een verzoek om toepassing van deze regeling moet ingediend worden bij de Belastingdienst. Het verzoek wordt alleen gehonoreerd als het jaarinkomen van de voormalig toeslagpartner of medebewoner meer dan 10% is gestegen. De Belastingdienst berekent de toeslag dan niet meer op basis van het jaarinkomen van de voormalig toeslagpartner of medebewoner, maar kijkt alleen naar het inkomen wat gedurende de toeslagperiode is verdiend.

Bijzonder inkomen

Ook als er in een bepaald jaar sprake is van 'bijzonder inkomen' is het verstandig om actie te ondernemen. Bijzonder inkomen maakt namelijk (op verzoek!) geen onderdeel uit van het toetsingsinkomen voor de huurtoeslag. Een voorbeeld van bijzonder inkomen is de afkoopsom van een klein (nabestaanden)pensioen. Om dit bijzondere inkomen buiten beschouwing te laten, dient een verzoek ingediend te worden bij de Belastingdienst. Deze regeling geldt alleen voor de huurtoeslag, voor de andere toeslagen maakt het bijzonder inkomen gewoon onderdeel uit van het toetsingsinkomen.

 


Terug naar overzicht