Mogelijke onbedoelde gevolgen DGA

25 juni, 2017 – Jan de Vries

Mogelijke onbedoelde gevolgen in de nieuwe regeling aanwijzing Directeur-Grootaandeelhouder (DGA)!

U bent als DGA in beginsel werknemer bij uw vennootschap. Des al niet te min kwalificeert u vaak als zelfstandige waardoor u bijvoorbeeld geen premies werknemersverzekeringen hoeft te betalen over uw inkomen. Er is een regeling (de regeling aanwijzing DGA) die bepaalt onder welke omstandigheden u kwalificeert als zelfstandige of als werknemer. Deze regeling is met ingang van 1 januari 2016 gewijzigd. De nieuwe regeling beoogt een verduidelijking te zijn en een codificatie van nieuwere wetgeving (o.a. Flex-B.V.) en jurisprudentie ten opzichte van en ter aanvulling op de huidige regeling Aanwijzing DGA. In de basis is de regeling ‘ruimer’ dan de oude regeling. Recentelijk is echter gebleken dat in bepaalde situaties waar nu geen verzekeringsplicht geldt (en vaak ook niet gewenst is), in de nieuwe regeling mogelijk wel sprake zou kunnen zijn van een verzekeringsplicht. Dit kan behoorlijk lastenverhogend zijn.

Beoordeel uw situatie dus goed en breng mogelijk wijzigingen aan!

Wat zijn werknemersverzekeringen

Werknemersverzekeringen zijn verplichte, publiekrechtelijke verzekeringen voor werknemers. Tot deze verzekeringen behoren met name de Werkloosheidswet (WW), Wet Werk en inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) en de Ziektewet (ZW). Een statutair bestuurder/DGA wordt in de meeste gevallen niet als werknemer gekwalificeerd en dient zichzelf te verzekeren voor bijvoorbeeld arbeidsongeschiktheid. Stel dat nu achteraf gesteld wordt dat er toch sprake zou zijn van een verzekeringsplicht, dan zal deze DGA ook nog premies moeten afdragen aan de belastingdienst, terwijl de dure AO-verzekering reeds betaald is. De omgekeerde situatie kan zich ook voor doen: de DGA denkt verplicht verzekerd te zijn en heeft altijd keurig premies afgedragen aan de belastingdienst (en geen eigen AO-verzekering afgesloten). Bij een mogelijke arbeidsongeschiktheid keert het UWV echter niet uit, als op basis van de regeling aanwijzing DGA blijkt dat er helemaal geen sprake is van een verzekeringsplicht.

Nieuwe regeling per 1 januari 2016

Voor de nieuwe regeling geldt in de basis hetzelfde uitgangspunt als de oude regeling, namelijk de feitelijke macht binnen de vennootschap ten aanzien van met name benoeming en ontslag van een directeur. Indien de DGA/statutair bestuurder (al dan niet via familie) de doorslaggevende zeggenschap kan uitoefenen ten aanzien van zijn/haar eigen ontslag, dan is hij/zij niet ondergeschikt en geldt geen verzekeringsplicht (hij/zij kan dan immers niet als ‘gewone’ werknemer worden gezien).

Ook geldt geen verzekeringsplicht indien u weliswaar tegen uw wil in kan worden ontslagen, maar er sprake is van aandeelhouders die gelijke belangen in de onderneming hebben (denk aan bijvoorbeeld een B.V. met 5 aandeelhouders die allemaal 20% van de aandelen houden).

Wijzigingen ten opzichte van oude regelgeving: aandeelhouder zijn

Onder de oude regelgeving was het niet noodzakelijk dat u als DGA ook daadwerkelijk aandeelhouder was, mits er sprake was van statutair bestuurderschap. Onder de nieuwe wetgeving is het wel van belang dat de bestuurder zelf aandeelhouder is om als zelfstandige te kwalificeren.

Wijzigingen ten opzichte van oude regelgeving: gelijke belangen

Bij meerdere statutaire bestuurders/DGA’s, wordt aan de hand van de zogenoemde ‘nevengeschiktheid’ bepaald of er een verzekeringsplicht geldt. Indien u tegen uw wil in kan worden ontslagen, maar er sprake is van gelijke belangen, is er toch geen sprake van verzekeringsplicht.

De nevengeschiktheid wordt op basis van de nieuwe regels echter bepaald aan de hand van de economische gerechtigdheid in het aandelenkapitaal (het aandeel in het kapitaal van de vennootschap). Voorheen was dit niet perse gekoppeld aan dit aandeel in het kapitaal, maar ging het er om dat er sprake was van gelijke zeggenschap ten aanzien van benoeming en ontslag van een bestuurder. Vaak werd er bij ongelijke belangen een stichting administratiekantoor opgericht of werden bijzondere aandelen uitgeven om verzekeringsplicht te voorkomen. Verder is nog van belang dat de bestuurders die nevengeschikte belangen hebben gezamenlijk alle aandelen moeten vertegenwoordigen. Wanneer bijvoorbeeld drie van de vier aandeelhouders een nevengeschikt belang hebben, maar de vierde aandeelhouder een afwijkend belang, kan dit tot gevolg hebben dat alle aandeelhouders verplicht verzekerd worden.

Conclusie

Het lijkt erop dat in bepaalde situaties op basis van de nieuwe regeling mogelijk een verzekeringsplicht gaat gelden, waar dit voorheen niet het geval was. Voornamelijk in structuren met ongelijke aandelenverhoudingen ontstaan mogelijk problemen!

Wij adviseren u goed te laten informeren over de eventuele gevolgen en om maatregelen te treffen. Neem vrijblijvend contact op met mij of een van mijn collega’s.


Terug naar overzicht