Gebruikelijk-loonregeling

04 september, 2018 – Paul Douwsma

Gebruikelijk-loonregeling

Afgelopen jaren is er veel te doen geweest omtrent het gebruikelijk loon. De wetgeving is naar aanleiding van diverse rechterlijke uitspraken aangepast en na een rustperiode lijkt het kabinet de regeling weer te willen aanscherpen.

De huidige regeling

De gebruikelijk-loonregeling van artikel 12a in de Wet loonbelasting heeft betrekking op de situatie waarbij een aanmerkelijkbelanghouder arbeid verricht voor een B.V. of N.V. waarin hij een aanmerkelijk belang houdt (gezamenlijk met partner tenminste 5% van de aandelen bezit), dit noemt men de directeur-grootaandeelhouder (DGA).  De DGA kan zijn eigen arbeidsvoorwaarden, waaronder de hoogte van zijn salaris, vaststellen. Artikel 12a regelt dat deze aanmerkelijkbelanghouder wordt geacht ten minste een gebruikelijk loon te genieten.

Voor de bepaling van het loon geldt de doelmatigheidsmarge van 25%. Dit betekent dat het salaris maximaal 25% mag afwijken van hetgeen gebruikelijk is. De vraag blijft natuurlijk wat nu eigenlijk gebruikelijk is.

Hieronder enkele belangrijke kenmerken van de gebruikelijk-loonregeling:

  • Norm inkomen minimaal € 45.000
  • Loon is inclusief auto van de zaak
  • Toepassen werkkostenregeling niet van invloed
  • Inkomen lager dan € 5.000, dan geen gebruikelijk loon (bewijslast DGA)
  • Lager inkomen in verband met gevaar voor continuïteit bedrijf (bewijslast DGA)
  • Deeltijd (bewijslast DGA)
  • Minimaal het salaris van de best verdienende andere medewerker

Afroommethode

Er wordt vaak gesproken over de afroommethode om het gebruikelijk loon te bepalen. De afroommethode is enkel van toepassing als de opbrengsten van de B.V. (nagenoeg) geheel voortvloeien uit de door de DGA verrichte arbeid.

Afroommethode is niet van toepassing als:

  • De onderneming in opbouw is;
  • de opbrengsten van de vennootschap bestaan uit een percentage van het resultaat van het samenwerkingsverband;
  • de vennootschap overig personeel in dienst heeft.

De afroommethode lijkt nog alleen van toepassing voor éénpitters. Verder lijkt het erop dat de afroommethode slechts toegepast kan worden indien er geen loon uit meest vergelijkbare dienstbetrekking is vast te stellen.

Voorbeeld op basis van het gebruikelijk loon medisch specialisten 2018

Om het gebruikelijk loon vast te stellen is er uitgegaan van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking. Voor medisch specialisten is dat het loon op basis van de Arbeidsvoorwaardenregeling Medisch Specialisten (AMS). Deze regeling is onderdeel van de cao Ziekenhuizen 2017-2019.

Het loon voor een medisch specialist is volgens deze cao € 174.600. In dit bedrag is al rekening gehouden met de verhogingen per 1 juli 2017 en 1 juli 2018. Als de medisch specialist de verplichte bijdrage aan het beroepspensioenfonds in privé betaalt, wordt dit loon verhoogd met die bijdrage (=x).

Daarmee wordt het gebruikelijk loon voor een medisch specialist in 2018:

  • 75% van € 174.600 = € 130.950
  • 75% van (€ 174.600 + x) = € 130.950 + 0,75 * x (als de medisch specialist de bijdrage aan het beroepspensioenfonds zelf betaalt)

Wat is fiscaal het optimale salaris?

Wij rekenen dit graag voor u uit. Daarbij moet uiteraard rekening gehouden worden met uw fiscale privépositie, zoals uw aftrekposten.  Eventueel kunt u dit moment gebruiken om eens goed naar uw oudedagsvoorziening te kijken. U zou ervoor kunnen kiezen om in privé te gaan bank sparen en zo een aftrekpost te creëren.

Advies:

Een hoger gebruikelijk loon leidt veelal tot een hogere belastingdruk en dit kan dus een aanleiding zijn om nog eens goed naar uw rechtsvorm te kijken.

Is de B.V.-structuur nog wel wenselijk, of moet u terug naar de eenmanszaak? Is misschien een combinatie van beide de oplossing?  Wij rekenen dit graag samen met u uit.

Bel gerust voor een vrijblijvende afspraak.


Terug naar overzicht